Alternatieve toets maatschappijleer en rechtsstaat

Uit maatschappij
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
A mosaic LAW by Frederick Dielman, 1847-1935.JPG

Inleiding[bewerken]

Je gaat een werkstuk maken over een maatschappelijk vraagstuk van minimaal 1500 woorden wat je op een wiki publiceert. Je mag samenwerken met een klasgenoot, maar je maakt je eigen werkstuk over een eigen onderwerp. Het onderwerp mag je kiezen uit een lijst of zelf met een onderwerp (hoofdvraag) komen. Check deze keuze wel bij je docent.

Belangrijk[bewerken]

Schrijf het helemaal zelf

  • je mag citeren maar geen zinnen uit andere teksten overnemen
  • als je dit toch doet, heb je automatisch een onvoldoende (5 of lager)

Houd je aan de regels voor opmaak en spelling

  • maak gebruik van alinea's en tussenkopjes
  • let ook op de grammatica, zinsbouw en interpunctie

Zorg voor formeel en neutraal taalgebruik

  • geen spreektaal of stopwoorden
  • probeer beschrijvingen vanuit de ik-persoon te vermijden

Doe de opmaak als laatste

  • houd je tot stap 12 alleen bezig met de inhoud (en spelling, zinsbouw)
  • maak gebruik van 'platte' tekst

Wat moet er in elk geval in staan?[bewerken]

☐ twaalf begrippen en/of principes uit de hoofdstukken Wat is maatschappijleer? & Rechtsstaat (maak deze begrippen uiteindelijk vetgedrukt/bold)
☐ voorbeelden die betrekking hebben op onderwerpen uit de hoofdstukken
☐ onderbouwde beredeneringen bij de onderwerpen uit de media (bronnen)
☐ de relatie van het onderwerp tot de rechtsstaat

Waar word je op beoordeeld?[bewerken]

Zie de rubric voor de puntentelling en punten van beoordeling.

Stappenplan[bewerken]

Stap 1: opzet[bewerken]

Open een tekstverwerker, zet je onderwerp linksboven aan de pagina, sla een regel over en schrijf in twee of drie zinnen (30-50 woorden) wat je al weet van het onderwerp. Sla het document op en noem het: [onderwerp] - [jouw naam] [datum].

Stap 2: de hoofdvraag[bewerken]

Stel een hoofdvraag op over het onderwerp wat je gaat bespreken. Dit is een korte (uitdagende) vraag waarop je in je conclusie antwoord gaat geven. Bijvoorbeeld: Wat maakt dat mensen discrimineren? of Hoe gaan we in Nederland om met armoede?

Bij deze hoofdvraag maak je drie deelvragen, dit worden de hoofdstukken van jouw werkstuk. Doe dit aan de hand van de volgende sleutelvragen:

  • Wat is precies het probleem?
  • Wie of welke groepen zijn erbij betrokken?
  • Welke waarden normen en belangen hebben deze mensen?
  • Wat zijn de oorzaken van het probleem?
  • Wat kan de overheid aan het probleem doen?
  • Wat kunnen de betrokkenen aan het probleem doen?
  • Hoe kan het probleem het beste worden opgelost en waarom?

Zet de hoofdvraag en drie deelvragen onder elkaar in je document en sla het op.

Stap 3: Inleiding[bewerken]

Ga naar de volgende (lege) bladzijde in je document. En zet linksboven aan de bladzijde: Inleiding.

Lees de informatie in je lesboek over het onderwerp door. Lees ook goed de context van het onderwerp. Vat in vier of vijf zinnen (30-40 woorden) samen wat er in je lesboek staat beschreven. Als er een definitie staat, mag je deze letterlijk overnemen. Gebruik voorbeelden voor zover mogelijk.

Sla je document op.

Stap 4: eerste deelvraag[bewerken]

Ga naar de volgende (lege) bladzijde in je document. En zet linksboven aan de bladzijde je eerste deelvraag.

Zoek op internet naar een bron die aansluit bij de deelvraag. Dit kan een artikel uit een tijdschrift, krantenartikel of informatieve website zijn zijn. Check of de bron betrouwbaar is en check ook of het niveau aansluit (niet te eenvoudig maar ook niet te academisch).

Als je een artikel hebt gevonden, bestudeer dit artikel dan en van het samen in 100-150 woorden. Sla een regel over en kopieer de link/url van het artikel uit de adresbalk van de browser en plak deze onder de samenvatting. Zet er ook bij wie het geschreven heeft (de auteur) en wanneer (datum).

Sla je document op.

Stap 5: tweede deelvraag[bewerken]

Idem met stap 4 maar dan met de tweede deelvraag.

Stap 6: derde deelvraag[bewerken]

Idem met stap 4 en 5 maar dan met de derde deelvraag.

Stap 7: conclusie[bewerken]

Ga naar de volgende (lege) bladzijde in je document. En zet linksboven aan de bladzijde: Conclusie.

Schrijf een voorzichtige conclusie: kun je de hoofdvraag nu beantwoorden? Gebruik zoveel mogelijk argumenten en voorbeelden en verwijs daarbij naar de overige hoofdstukken.

Stap 8: bronvermelding[bewerken]

Ga naar de volgende (lege) bladzijde in je document. En zet linksboven aan de bladzijde: Bronnen.

Kopieer de links met auteur en datum naar deze bladzijde. Zet ze in een lijst op alfabetische volgorde van de achternaam van de auteur.

Stap 9: een lopend verhaal maken[bewerken]

Lees alles vanaf het begin terug en maak er een goed lopend verhaal van. Maak gebruik van argumenten, voorbeelden en verwijzingen.

Stap 10: spelling en zinsbouw[bewerken]

Lees alles vanaf het begin terug en gebruik de spellingcheck om de meeste spelfouten eruit te halen. Lees het nog eens terug en let nu op de interpunctie (staan overal de juiste leestekens?). Lees het nog eens terug en let nu op de zinsbouw (kloppen de zinnen?).

Stap 11: opschonen[bewerken]

Haal alle tekst voor de inleiding weg. Op de eerste bladzijde staat nu linksboven de titel: Inleiding. Haal ook deze titel weg. Op de eerste bladzijde begint nu gelijk de inleiding. Check of de alinea-indeling van de inleiding klopt.

Sla na de inleiding twee regels over en laat dit aansluiten bij de eerste deelvraag. De eerste deelvraag is nu een tussenkopje geworden. Check de indeling van de tekst bij de eerste deelvraag. Gebruik witregels waar nodig.

Haal de link weg en zet alleen de achternaam van de auteur en het jaartal achter de tekst tussen haakjes op de volgende manier:

tekst tekst, nog meer tekst en dan komt het laatste stukje tekst (auteur, jaartal).

Doe dit ook voor deelvraag twee en drie. Zorg steeds dat de verschillende hoofdstukken door twee witregels gescheiden worden (ze staan dus niet meer op aparte bladzijde).

Zorg ook dat de conclusie aansluit en check of er voldoende witregels in de conclusie zitten.

Doe dit ook voor de bronvermelding en gebruik een asterix (*) voorafgaand aan elke bron.

Sla het geheel op.

Stap 12: publiceren[bewerken]

Ga naar maatschappij.miraheze.org en naar het kopje Werkstukken en presentaties.

Klik op jouw onderwerp (of hoofdvraag). Je ziet nu als het goed is een wit tekstveld.

Selecteer, kopieer en plak de gehele tekst vanuit je document naar dit tekstveld.

Sla het op door onderaan op de blauwe knop (Wijzigingen opslaan) te klikken.

Indeling en afbeeldingen[bewerken]

Stap 13: indeling[bewerken]

Lees de tekst op de wiki-pagina terug en verbeter waar nodig:

  • tussenkopjes
  • alinea-indeling (witregels)
  • opsommingen (dmv een asterix: *)

Stap 14: afbeeldingen[bewerken]

Voeg in elk geval drie toepasselijke afbeeldingen toe. Op een wiki-pagina doe je dit d.m.v. de volgende code:

[[File:Piramide_van_Maslow_kleur.png|thumb]]

De afbeelding hiernaast komt van Wikipedia. De bestandsnaam is: File:Piramide_van_Maslow_kleur.png. Met thumb geef je aan dat je een kleine afbeelding wilt aan de rechterkant van de pagina.

Je kunt niet zomaar afbeeldingen van het internet gebruiken (je kunt hier wel naar linken). De afbeeldingen die je tussen je tekst gebruikt, moeten van een andere wiki komen of je moet ze zelf maken en uploaden naar Wikimeda Commons.

Zet de code zoals hierboven aangegeven op drie plekken in de tekst en zoek - op bijvoorbeeld Wikipedia - naar passende afbeeldingen.

Waar vind je afbeeldingen?

Stap 15: checken en dubbelchecken[bewerken]

Lees het zelf nogmaals door. Laat het vervolgens (rustig) door iemand anders lezen en verbeter waar nodig. Laat het in elk geval nog door een tweede persoon nalezen en verbeter waar nodig.

Beoordeling[bewerken]

Onderdeel geen punten 1 punt 2 punten 3 punten
taalgebruik en aantal woorden moeilijk te volgen en/of grote stukken tekst letterlijk overgenomen en/of minder dan 1000 woorden (eindcijfer niet hoger dan een 5) op meerdere punten goed te volgen en/of grotendeels in eigen woorden en/of minder dan 1250 woorden op de meeste punten goed te volgen en/of volledig in eigen woorden herschreven op basis van de brontekst(en) en minder dan 1500 woorden op alle punten uitstekend te lezen en volgen en/of volledig in eigen woorden met eigen uitleg, voorbeelden en argumenten en meer dan 1500 woorden
tussenkopjes, indeling en spelling geen of gebrekkige tussenkopjes of (alinea)indeling en/of meer dan 10 spellingfouten tussenkopjes en (alinea)indeling en/of meer dan 5 fouten relevante tussenkopjes en nette (alinea)indeling en/of meer dan 2 fouten relevante en originele tussenkopjes en uitstekende (alinea)indeling en/of minder dan twee fouten
inhoud lesboek en gebruik van begrippen geen goede weergave van het onderwerp en/of niet in eigen woorden (eindcijfer niet hoger dan een 5) 4+ begrippen en geeft op meerdere punten uitleg en voorbeelden (grotendeels of helemaal in eigen woorden) 8+ begrippen en geeft op de meeste punten uitleg en voorbeelden (in eigen woorden) 12+ begrippen en geeft op alle punten een uitstekende weergave van het onderwerp (in eigen woorden)
inhoud gevonden artikel/nieuwsbericht (deelvraag 1) geen goede weergave van het a/n en/of niet in eigen woorden (eindcijfer niet hoger dan een 5) geeft op meerdere punten uitleg en voorbeelden (grotendeels of helemaal in eigen woorden) geeft op de meeste punten uitleg en voorbeelden (in eigen woorden) geeft op alle punten een uitstekende weergave van het a/n (in eigen woorden)
inhoud gevonden artikel/nieuwsbericht (deelvraag 2) geen goede weergave van het a/n en/of niet in eigen woorden (eindcijfer niet hoger dan een 5) geeft op meerdere punten uitleg en voorbeelden (grotendeels of helemaal in eigen woorden) geeft op de meeste punten uitleg en voorbeelden (in eigen woorden) geeft op alle punten een uitstekende weergave van het a/n (in eigen woorden)
inhoud gevonden artikel/nieuwsbericht (deelvraag 3) geen goede weergave van het a/n en/of niet in eigen woorden (eindcijfer niet hoger dan een 5) geeft op meerdere punten uitleg en voorbeelden (grotendeels of helemaal in eigen woorden) geeft op de meeste punten uitleg en voorbeelden (in eigen woorden) geeft op alle punten een uitstekende weergave van het a/n (in eigen woorden)
conclusie geen relatie tot de gevonden informatie in de deelvragen op een paar punten een relatie tot de gevonden informatie in de deelvragen op de meeste punten een relatie tot de gevonden informatie in de deelvragen op alle punten een relatie tot de gevonden informatie in de deelvragen
Aantal gebruikte woorden geen effectief gebruik van het gestelde aantal woorden of veel te veel/weinig woorden redelijk effectief gebruik van het aantal gestelde woorden effectief gebruik van het gestelde aantal woorden uitstekend gebruik van het gestelde aantal woorden
bronvermelding helemaal geen bronvermelding er wordt op de juiste manier verwezen maar onvolledig zowel in de tekst als aan het einde van het document, volledig zowel in de tekst als aan het einde van het document, volledig met bijbehorende link

Beoordeling: (aantal punten + 3) / 3

Bronnen[bewerken]

Van den Broeke, J., Hagers, M., Ruijg, H., Vermeulen, J., Rijpkema, T., & Schuurman, T. (2017). Thema's Maatschappijleer voor havo (5e ed.). Wormerveer, Nederland: Uitgeverij Essener BV.

Bijlagen[bewerken]

Onderwerpen[bewerken]

  • Hoe lossen we het tekort aan orgaandonoren op?
  • Wat werkt het beste tegen comazuipen onder jongeren?
  • Wat is het beste evenwicht tussen veiligheid en vrijheid?
  • Wie gaan er straks voor de ouderen zorgen?
  • Hoe krijgen we iedereen aan het werk (en willen we dit)?
  • Hoe zorgen we dat iedereen gelijke kansen heeft in de samenleving?
  • Is reclame een vorm van manipulatie?
  • Wat maakt dat mensen discrimineren?
  • Hoe kunnen we de CO2 uitstoot terugdringen?
  • Hoe rechtvaardig is ons rechtssysteem?
  • Wat zijn de oorzaken van criminaliteit?
  • Wat zijn de grootste verschillen tussen het Nederlandse en Britse rechtssysteem?

Leerdoelen bij deze opdracht[bewerken]

  1. een aantal begrippen en procedures in eigen woorden verwerken uit de hoofdstukken Wat is maatschappijleer? & Rechtsstaat (Thema's Maatschappijleer havo).
  2. voorbeelden uit de media halen die betrekking hebben op onderwerpen uit de hoofdstukken.
  3. (verworven) informatie verwerken met behulp van ICT en daarbij verwijzen naar bronnen door middel van links
  4. Beredeneerde conclusies trekken uit de verwerkte informatie.
  5. een maatschappelijke vraagstuk analyseren en daarbij aannemelijk maken wat de relatie is tussen het vraag stuk/probleem en de rechtsstaat.
  6. aan de hand van een hoofdvraag en een drietal deelvragen beschrijven wat de oorzaken en mogelijke oplossingen zijn van een bepaald maatschappelijk probleem.